WUR-onderzoeker Hilfred Huiting vindt dat mechanische onkruidbestrijding in suikerbieten meer aandacht verdient. “Het is een goede methode om het risico op ongevoelig onkruid te verminderen met de minste schade aan de bieten”, stelt Huiting.

mechnische onkruidbestrijding

Herhaaldelijk gebruik van een herbicide in suikerbieten kan resistentie van onkruiden in de hand werken. Bij droog en schraal weer kan de effectiviteit van een chemische onkruidbestrijding ook tegenvallen. Bij mechanische onkruidbestrijding spelen deze problemen niet. “Met het huidige middelenpakket aan herbiciden kunnen bietentelers nog wel uit de voeten en de ontwikkeling van resistent onkruid valt tot nu toe nog mee”, weet Huiting. “Maar bij opschorting van toelatingen of registraties in de toekomst kan dat wel moeilijker worden.”

Een duurzaam alternatief voor chemische onkruidbestrijding is mechanisch onkruidbestrijding, maar bietentelers passen dit nog weinig toe. Het gros van de telers voelt de noodzaak nog niet om in de toekomst de onkruidbeheersing minder afhankelijk te maken van herbiciden. “Zo lang er voldoende chemische middelen voorhanden zijn, weegt de besparing aan chemische middelen niet altijd op tegen de extra kosten van arbeid en machines”, stelt Huiting. “Ook al is geïntegreerde onkruidbestrijding wel de beste methode om het risico op herbicideresistentie te verminderen.”

Eggen, schoffelen en vingerwieden

Bij een geïntegreerde aanpak wordt alleen de eerste kiemgolf van het onkruid met het lage doseringensysteem (LDS) bestreden. Daarna kunnen telers direct volvelds eggen (vanaf het twee- tot vierbladstadium van de bieten) of schoffelen tussen de rijen bieten in combinatie met vingerwieders in de rijen. Ook is een combinatie van rijenspuiten met schoffelen in één werkgang een goede optie. Het is wel belangrijk om dat onder drogende omstandigheden uit te voeren om ‘stropen’ en ‘verplanten’ te voorkomen.

Eén volvelds LDS-bespuiting na opkomst gevolgd door drie keer schoffelen en vingerwieden reduceert de hoeveelheid actieve stof met 66% ten opzichte van drie LDS-bespuitingen. Dat blijkt uit een demo geïntegreerde onkruidbestrijding in 2016 in Lelystad bij een lichte onkruidbezetting. Drie keer rijenspuiten in combinatie met schoffelen verminderde de hoeveelheid actieve stof met 60%. Beide methoden waren even effectief als drie LDS-toepassingen. Op lichte grond werkt aanaarden vlak voor het sluiten van het gewas ook om nagekiemde onkruiden effectief te bestrijden. Voorkom daarbij te zwaar aanaarden, want dat bemoeilijkt een goede ontbladering bij de oogst en het bevordert besmetting met rhizoctonia op rhizoctonia gevoelige gronden.

“De machines voor mechanische onkruidbestrijding zijn beschikbaar en betaalbaar. Het daadwerkelijk toepassen vraagt een omslag in het denken, maar schoffelen werkt net zo goed als onderbladbespuiting met glyfosaat”, zegt Huiting. Het IRS heeft in samenwerking met de WUR al veel kennis ontwikkeld over mechanische onkruidbestrijding. “Met name in cichorei is er al veel ervaring met geslaagde mechanische onkruidbestrijding.”  

Moderne technieken

Olaf van Campen, crop manager suikerbieten van Adama, ziet in de praktijk ook dat mechanische onkruidbestrijding in bieten nog nauwelijks van de grond komt. “Een paar keer schoffelen vraagt veel arbeid en je mist onkruiden in de rij”, zegt Van Campen, die wel verwacht dat technologische ontwikkelingen in de toekomst gaan helpen om onkruiden vaker mechanisch te bestrijden. “Het werken met robots die onkruid wieden, vermindert de arbeid die nodig is.” In Wageningen draaien in projecten als SMARAGD en IWMPRAISE experimenten met nieuwe technieken, zoals camera gestuurde machines, GPS, drones en robots. “Schoffels met gewasherkennning in de rij zijn al een aantal jaren op de markt. Verdere robotisering staat nog wel in de kinderschoenen”, zegt Huiting.